artikel | 9 september 2020

Srebrenica, een verkeerd geschreven geschiedenis. Proloog

Juli 1995. Massamoord in het hart van Europa. Onder leiding van generaal Ratko Mladic vermoorden Bosnisch Servische troepen meer dan achtduizend vluchtelingen. Mensen die bescherming zochten in de enclave Srebrenica. Een gebied dat door de Verenigde Naties tot zogenoemde safe area is verklaard. Dat blijkt het niet te zijn. Lichtbewapende Nederlandse blauwhelmen zijn niet in staat de opmars te stuiten, toegezegde luchtsteun blijft uit. Een colonne van tien tot vijftienduizend vooral mannen probeert door de bergen Tuzla te bereiken. Tijdens die zogenoemde ‘Mars van de dood’ worden velen van hen om het leven gebracht. Sommige hoofdstukken uit de geschiedenis van de genocide zijn en worden nog altijd verkeerd geschreven. Dit is de proloog bij een reeks publicaties over het internationale machtsspel dat voorafging aan de val van Srebrenica.

Honderden nog niet geïdentificeerde menselijke resten. Internationale Commissie                                voor Vermiste Personen (ICMP). Foto: Claudia Heinermann

De schuldigen zijn beloond.

De nabestaanden van de meer dan achtduizend slachtoffers dragen de donkerste bladzijde uit de naoorlogse geschiedenis van Europa dagelijks met zich mee. Ze zijn ontheemd, verdreven uit de stad waar ze alles en iedereen kwijtraakten. Vaak verkeren ze nog in onzekerheid over het lot van hun dierbaren. Velen van hen zijn vluchteling in eigen land. In kampen of andere ‘tijdelijke’ onderkomens. Zij die ondanks de trauma’s toch naar Srebrenica terugkeren, leven, zelden vrij van angst, in broze harmonie met de Servische meerderheid onder wie ongestrafte daders van vijfentwintig jaar geleden en hun sympathisanten. Zij provoceren de moslimminderheid zoals de camera van KRO’s Reporter in 2003 al vastlegde (1) en proberen de geschiedschrijving naar hun hand te zetten. Het Internationaal Gerechtshof en het Joegoslavië- tribunaal zijn helder in hun oordeel. In Srebrenica is genocide gepleegd.

Mladen Grujicic burgemeester Srebrenica. Foto Twitter

Maar Mladen Grujicic de Servische burgemeester ontkent: “Ik ben het niet eens met de term genocide, net als iedereen aan de Servische kant, want wij vertrouwen uitspraken van internationale rechtbanken niet”, zegt hij in 2017 tegen de NOS (2). Eerder uitte de bestuurder openlijk twijfels over de echtheid van de in Potocari begraven slachtoffers. En hij is niet de enige. In 2015 ontmoet ik een in de regio actieve Nederlandse ondernemer die met stelligheid volhoudt dat in veel van de graven geen menselijke maar dierlijke resten liggen. Hij spreekt z’n gedachte, na wat biertjes, hardop uit op een terras in het stadje. We raden hem, met zachte drang aan, te vertrekken. Voor het project ‘Srebrenica, de Mars van de dood’ bezoeken fotograaf Claudia Heinermann (3) en ik Srebrenica in februari. Bewoners vertellen dat op de lokale school het gebruik van de term genocide taboe is.

Muhizin Omerovic. Foto: Claudia Heinermann

Muhizin Omerovic (45) overleefde de massamoord, verloor z’n vader, een aantal neven en veel van z’n vrienden. Studeerde na de oorlog in Parijs. Daarna keerde hij terug. Hij is bitter over Srebrenica anno 2020: “Dit gebeurt in het hart van Europa. Het Europa dat ons na de Tweede Wereldoorlog, en na de val van de muur opnieuw, werd voorgespiegeld. Oorlog en volkorenmoord zouden zich hier nooit meer voordoen. Maar het gebeurde wel. En niemand deed iets om het te voorkomen. Dutchbat was een speelbal. Wij de slachtoffers. De schuldigen zijn beloond voor hun wandaden. Genocide-ontkenners zijn hier nu de baas. Ze mogen straffeloos zeggen dat de massamoord niet heeft plaatsgehad. Is dit Europa? Is dit wat me beloofd is? Dan hoef ik het niet. Fuck dat Europa!”

Geen vehikel voor vrede

In maart 1994 lossen Nederlandse VN- militairen (Dutchbat I) hun Canadese collega’s af. Het is hun de taak er voor te zorgen dat de Bosnische vluchtelingen veilig zijn. ‘Deter by presence’ ofwel ‘afschrikking door aanwezigheid’ luidt de opdracht van de Verenigde Naties. Blauwhelmen moeten een aantal gebieden in Bosnië beschermen waaronder de oostelijke enclaves Zepa, Gorazde en Srebrenica. Toevluchtsoorden voor vluchtelingen. De meeste Nederlanders dienen in Srebrenica, de grootste zogenoemde ‘safe area’. Eén versterkte compagnie komt terecht in Simin Han vlakbij Tuzla, stafleden op VN- hoofdkwartieren in de regio.

Dutchbat III defileert. Veteranendag 2016. Foto: Ministerie van Defensie

De Verenigde Naties stationeren veel minder militairen in Bosnië dan volgens de initiële berekeningen noodzakelijk. Het mandaat staat de VN- blauwhelmen niet toe geweld te gebruiken. Behalve wanneer ze zelf worden aangevallen. Het is te lezen in de toenmalige instructies (4). Nederlandse militairen van de Luchtmobiele Brigade komen, mede als gevolg van Servische eisen, te licht bewapend in een slecht verdedigbare vallei terecht waar veertigduizend vluchtelingen proberen te overleven terwijl de Serven de toegangswegen controleren en de aanvoer van voedsel, medicijnen en brandstof afknijpen. Van een luchtbrug is geen sprake.

Als de troepen van generaal Ratko Mladic in juli 1995 de aanval inzetten, blijkt de strategie van ‘afschrikking’ een farce. Het Nederlandse bataljon is niet bij machte om weerstand van betekenis te bieden en de door de internationale gemeenschap toegezegde luchtsteun, die de opmars had kunnen stuiten, blijft uit, op één kleinschalige aanval van een Nederlandse F-16 na. Uit door Washington vrijgegeven documenten blijkt dat de Amerikanen in overleg met de Fransen en de Britten, al op 28 mei 1995 hebben besloten luchtaanvallen tegen de Bosnische- Serviërs op te schorten. De aanleiding is dat Mladic bij herhaling VN- blauwhelmen gijzelt en ze vastketent, in de nabijheid van potentiële doelwitten, als levend schild. Het blijkt de achilleshiel van de missie.

Sandy Berger, coördinator Balkan Task Force (VS). Beeld uit ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/VPRO 2015.

Sandy Berger, inmiddels overleden, is in 1995 coördinator van de gezamenlijk opererende Amerikaanse inlichtingendiensten – de Balkan Task Force. Hij zegt er in 2015 dit over: “We vonden allemaal dat dit gewoon bevestigde dat dit niet langer als een humanitaire missie kon worden beschouwd. Dat de VN- vredestroepen een oorlogsinstrument waren geworden, geen vehikel voor vrede.” (5) Berger bekleedt indertijd een sleutelpositie want hij is ook lid van het zogenoemde ‘Principals Committee’, een select gezelschap dat president Clinton adviseert over veiligheidsvraagstukken. Hij legt uit dat in mei dat jaar het beëindigen van de UNPROFOR- missie als serieuze optie wordt besproken: ”Er werd toen veel overleg gepleegd tussen de president (red: Clinton), Chirac (red: de Franse president) en Major (red: de Britse premier) en dat had als doel om de blauwhelmen niet in gevaar te brengen. Maar het maakte duidelijk dat we de blauwhelmen uit Bosnië moesten halen.”

Een potentiële humanitaire nachtmerrie

De intenties van de Bosnische Serviërs om de Oostelijke enclaves in te nemen zijn dan al bekend. De Britse commandant van de VN- troepen, Rupert Smith heeft er een paar weken daarvoor nog expliciet voor gewaarschuwd. Hij verwacht dat ‘de Serviërs de enclaves één voor één zullen innemen’ (6). In de ogen van de Amerikanen zal terugtrekking van de VN- troepen de weg vrij maken voor een robuuster optreden tegen het leger van generaal Mladic. Tegelijkertijd onderkent men in het Witte Huis het potentiële gevaar. Die taxatie ligt vast in een intern document van 17 mei 1995:

‘Voorkom dat terugtrekking onder leiding VS/NAVO wordt neergezet als voorbode van wrede etnische zuiveringen.’ (7)

Toch besluit het ‘Principals Committee’ op 28 mei, een dag nadat president Clinton telefonisch heeft overlegd met zijn Franse evenknie Chirac en de Britse premier Major, om de inzet van luchtsteun voorlopig te schrappen.

‘Suspend quietly’ ofwel ‘in stilte uitstellen’, zo staat het in ‘The secret history of Dayton’ een geheime studie uit 1996, in opdracht van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. (8)

‘Make no public statement to that effect’ benadrukt nationaal veiligheidsadviseur Anthony Lake een dag later in een memo (9) aan zijn president, ‘Doe hier geen publiekelijke uitspraken over’. Daarnaast wijst ook Lake nog eens op de mogelijke gevolgen van een terugtrekking:

‘Liever zien we geen terugtrekking uit de oostelijke enclaves vanwege het er mee samenhangende risico op een potentiële humanitaire nachtmerrie voor de burgerbevolking die nu onder bescherming staat van de VN’. (9) President Clinton leest het stuk.

‘President has seen’, staat bovenaan de openingspagina (9) gestempeld.

De Bosnische noch de Nederlandse regering wordt over het besluit van 28 mei geïnformeerd. In onwetendheid blijven ze er op vertrouwen dat bij een aanval door de Bosnische- Serven het luchtwapen zal worden ingezet. Arts en overlevende Ilijaz Pilav spreekt van verraad:

Ilijaz Pilav. Beeld uit ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/VPRO 2015.

Dat is het enige woord dat recht doet aan alles wat er gebeurd is. Brutaal verraad. Het was een vrijbrief om de enclave binnen te gaan en te doen wat ze wilden. (..) De boodschap was overduidelijk. Niet alleen groen licht maar volledige toestemming. Verschrikkelijk. Ze hebben toegelaten dat er een misdaad plaatsvond. Dat er een genocide kon plaatsvinden.”

Sandy Berger, toenmalig vertrouweling van Clinton zit de vergadering op die zondag 28 mei voor als in Washington het besluit genomen wordt:

  • Is het opschorten van de luchtaanvallen achteraf bezien een vergissing?

Ja, in de zin dat ze dat eruit hebben gehaald, was het duidelijk geen productief besluit.”

  • Mladic en Karadzic besloten, na het uitblijven van een reactie: we gaan voor de hoofdprijs, Srebrenica.

Sandy Berger: “Dat acht ik zeer wel denkbaar.” (10)

Zes weken later voltrekt zich inderdaad de grootste naoorlogse moordpartij op Europese bodem. Ongehinderd. De vrijgegeven stukken vormen bouwstenen voor de these dat Srebrenica, de vluchtelingen en Dutchbat geofferd zijn in een cynisch machtsspel. Een aanwijzing ligt vast in een document van 17 juli 1995, zes dagen na de val, Sandy Berger schrijft het:

‘De val van Srebrenica en Zepa baant mogelijk het pad naar meer realistische territoriale oplossingen en we zullen een goed gesprek met de Bosniërs moeten voeren gericht op meer flexibiliteit op de landkaart.’ (11)

Als het interview in 2015 op dit punt belandt, vindt Sandy Berger, de schrijver van het memo, dat het gesprek lang genoeg geduurd heeft. Toch reageert hij nog op een vraag over het citaat:

  • Dit is minder dan een week na de val van Srebrenica. Iemand die we interviewden omschrijft wat u daar schreef als kille politiek. Wat vindt u van die kwalificatie?

Voor een politieke oplossing was er behoefte aan een zekere mate van onderhandeling over de uiteindelijke vorm van dingen. Maar er werd toen nog niet gesproken over een politieke oplossing. “

  • Maar wat vindt u van die kwalificatie?

We zijn wel klaar, zei ik toch.” (12)

Sandy Berger, adviseur president Clinton. Beeld uit ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/VPRO, 2015

Einde Interview. Berger trekt de microfoon van z’n revers en beent, zonder nog iets te zeggen, weg. Later zal hij het vraaggesprek in een mail kenschetsen als: ‘De meest oneerlijke en onprofessionele ontmoeting met de pers uit mijn 40-jarige carrière in en rond de regering in Washington.’ (13)

De vereniging Dutchbat III en hun oud- commandant Karremans eisen in juni 2015 opheldering. Ze willen precies weten hoe het zit met de stilgehouden afspraak van de Amerikanen, Fransen en Britten om de luchtaanvallen tegen de Bosnische Serviërs in 1995 op te schorten. Dutchbatter Olaf Nijeboer:

Olaf Nijeboer (r) Dutchbat III. Foto: Claudia Heinermann

Het is schokkend om je te realiseren dat op hoog niveau het besluit genomen was om het luchtwapen niet meer in te zetten en dit niet te delen met de Nederlandse regering. Tijdens de val werd erop vertrouwd dat er gebombardeerd zou worden zoals afgesproken. Dat dit niet gebeurde heeft de gebeurtenissen ter plaatse negatief beïnvloed en het vertrouwen van de vluchtelingen en Dutchbatters in de internationale gemeenschap ernstig aangetast, tot de dag van vandaag.” De Nederlandse regering belooft navraag te doen bij de drie betrokken landen. Het levert niets op. Dutchbatters reageren verheugd als toenmalig minister van Defensie Jeanine Hennis eind 2015 aankondigt dat het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) bronnenonderzoek zal gaan doen. Olaf Nijeboer: “Eén van de meest gehoorde opmerkingen in relatie tot de eerste genocide op Europees grondgebied sinds de 2e wereldoorlog is dat dit nooit meer mag gebeuren. Maar om daarvoor te zorgen is openheid op alle niveaus nodig. Zolang spelers op het hoogste niveau deze openheid niet geven, kan de geschiedenis zich alsnog herhalen. Morgen, volgende week of over een paar jaar.”

Oud- minister Voorhoeve bevestigt destijds het belang van dat onderzoek:

Oud minister van Defensie Joris Voorhoeve in Potocari. Foto: Bart Nijpels

Ik denk dat het (red: besluit van 28 mei 1995) de inzetbaarheid van het luchtwapen ernstig heeft beperkt. Dat was de strekking van het besluit. De volgende enclave die werd aangevallen, Gorazde, is juist overeind gebleven doordat de NAVO met luchtaanvallen dreigde en dat ook duidelijk maakte. Mijn punt is dat als tot dat beleid zes weken eerder was overgegaan, dat heel veel mensenlevens had gescheeld. “(14) Het NIOD zal bekijken of er ‘mogelijke afspraken’ waren om de luchtsteun op te schorten. Daarnaast krijgt het instituut de opdracht (15) opnieuw te onderzoeken of er bij westerse inlichtingendiensten in 1995 sprake was van voorkennis over een op handen zijnde aanval op de VN- enclave. Daarmee keurt de slager zijn eigen vlees want het instituut onderzoekt de facto of haar eerdere conclusies op dit punt juist was. In 2002 luidde die, na zes jaar onderzoek:

‘…nu er evident bij geen van de betrokkenen voorkennis was, was adequaat reageren bij voorbaat uitgesloten.’ (16)

Een boude stellingname want de onderzoekers hadden geen toegang tot duizenden pagina’s met rapportages van de eerdergenoemde Balkan Task Force (BTF), de verzamelde Amerikaanse inlichtingendiensten. En dat wíst het NIOD. Toch maakt het instituut geen enkel voorbehoud bij de conclusie terwijl de ontbrekende documenten informatie bevatten die potentieel tot een andere conclusie kan leiden. Dat blijkt wanneer een deel van de betreffende stukken in 2015 alsnog wordt vrijgegeven. Een deel want ook nu nog zijn lang niet alle relevante documenten openbaar. Dat blijkt uit het onderstaande diagram. In het overzicht is te zien dat er geen documenten zijn geopenbaard uit de cruciale periode van vlak voor de val van Srebrenica.

Overzicht in 2015 vrijgegeven documenten (17)

Het NIOD krijgt ook in 2016 geen toegang tot die ontbrekende stukken. Eind 2016 presenteert het instituut haar bevindingen: ‘….op het gebied van ‘voorkennis’ in het inlichtingendomein zijn geen vormen van kennis of inlichtingen aangetroffen op basis waarvan kan worden geconcludeerd dat betrokkenen (in binnen- of buitenland), waaronder inlichtingendiensten, op de hoogte waren van een concreet Bosnisch- Servisch plan om in juli 1995 de enclave Srebrenica aan te vallen en volledig in te nemen.’ (18) De rapportages van de Amerikaanse inlichtingendiensten en de waarschuwingen van generaal Smith kwalificeren de onderzoekers als ‘strategische’ voorkennis. In hun visie wat anders dan concrete ‘tactische’ en dat type voorkennis ontbreekt, stelt men. Zo houdt het NIOD onverkort vast aan haar eerdere conclusie uit 2002, in de wetenschap dat de Amerikanen een onbekende hoeveelheid relevante documenten, nog altijd niét hebben vrijgegeven. Over het besluit van 28 mei 1995 om de luchtaanvallen op de Serviërs op te schorten, concludeert het rapport: ‘Deze verkenning heeft geen bewijzen of aanwijzingen opgeleverd voor het bestaan van voor Nederland geheime internationale besluitvorming.’ (19)

De documenten van eind mei 1995 waarin het besluit om de luchtsteun ‘in stilte’ op te schorten is vastgelegd, vormen volgens het NIOD geen bewijs, zelfs geen aanwijzing. Het instituut trekt die conclusie zonder te hebben gesproken met de toenmalige regeringsleiders van de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. De betrokkenen die op 28 mei in Washington aanwezig waren toen het besluit genomen werd zijn evenmin gehoord. Volgens het NIOD heeft het geen zin het onderzoek voort te zetten zolang er geen onbelemmerde toegang is tot alle vertrouwelijke informatie. Het kabinet Rutte sluit zich daarbij aan en laat de kwestie rusten. De Tweede Kamer eist geen andere inzet van de regering.

De mars van de dood.

Ruim vijftienduizend mensen, vooral mannen, slaan vanaf de nacht van 11 op 12 juli op de vlucht. Te voet trekken ze de bergen in. Ze proberen het veilige Tuzla te bereiken. Meer dan twintigduizend achterblijvers, gewonden, vrouwen, kinderen en vooral oudere mannen zoeken hun toevlucht bij Dutchbat op en rond de VN- compound in Potocari.

Sead Ademovic. Foto: Claudia Heinermann

Sead Ademovic (55) vertelt hoe hij afscheid moest nemen van zijn vrouw, dochter van twee en zoon van vier die z’n moeder vroeg waarom z’n vader huilde. Nu vecht hij, jager en wolvendoder, opnieuw tegen de tranen. “Ook al kan ik niet vergeven. Ik wens zelfs de daders niet toe dat ze mee moeten maken wat wij doorstaan hebben. Niemand zou dat, waar ook ter wereld, mee moeten maken. Door te overleven, heb ik een tweede leven gekregen. Dat voelt als mijn geluk. Maar tegelijkertijd is het onverteerbaar want waarom ik wel en duizenden anderen niet.” Bosnisch- Servische milities openen vanaf 11 juli de jacht op Sead en zijn lotgenoten. In de bergen, buiten het zicht van de blauwhelmen, bestoken ze de kilometerslange colonne vluchters met artillerie, leggen mijnenvelden aan en lokken mensen door zich in buitgemaakte VN- kledij te steken.

Ramiz Nukic. Foto: Claudia Heinermann

Ramiz Nukic (59) laat zich niet misleiden en overleeft de tocht: “Ik heb al die tijd een kogel bewaard. Voor mezelf. Dat gaf me zekerheid. Voor het geval ik gevangengenomen zou worden. Dan kon ik mezelf van het leven te beroven. Alles liever dan in hun handen vallen en de kans te lopen gemarteld te worden en een langzame pijnlijk dood te sterven. Soms zei ik het onderweg tegen de anderen die een wapen hadden ‘bewaar een kogel voor jezelf.”

Ieder jaar op 11 juli begraven nabestaanden nieuwe doden. Nog lang niet alle slachtoffers zijn gevonden of geïdentificeerd. Foto Claudia Heinermann

Wie de enclave binnen rijdt, ziet links van de weg de voormalige basis van de VN-blauwhelmen. Sinds 2017 is er een permanente tentoonstelling ingericht. Rechts van de weg ligt het Memorial Center en de begraafplaats. Licht glooiend terrein met schier eindeloze rijen witte grafstenen. Ze herinneren aan een inktzwart hoofdstuk uit de recente Europese geschiedenis waarvan een aantal bladzijden telkens opnieuw verkeerd wordt geschreven.

Memorial Center Potocari. Foto: Claudia Heinermann

Deze publicatie in de reeks ‘ Srebrenica, een verkeerd geschreven geschiedenis’ is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten (www.fondsbjp.nl)

Nagedachtenis

Juni 2011. Esad Efendic, belt z’n vriend Ilijaz Pilav in Sarajevo om te vertellen dat de Ratko Mladic per helikopter is afgeleverd bij de strafgevangenis in Scheveningen

Het is één van de vele onvergetelijke momenten die we samen meemaakten. Esad, kompas en kameraad. Hij is veel te vroeg overleden. De man die zich een leven lang inzette voor de waarheidsvinding, ook als die ongemakkelijk of pijnlijk was. Aan hem draag ik deze serie verhalen op.

Bronnen:

1.  ‘Lotsverbondenheid’ Reporter (KRO) 29 januari 2003

2. NOS 11 juli 2017

3. website Claudia Heinermann

4. Gebruik van geweld door NL-personeel bij de uitvoering van VN- operaties in het    voormalig Joegoslavië. Uitgave Koninklijke Landmacht IK 2-1393

5. ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/Vpro 29 juni 2015

6. Bosnia Diplomatic Strategy. LR2-ID8_cable_document 9 mei 1995 pag 1

7. Bosnia: Strategic choices. Discussion paper. 17 mei, 1995 pag 3

8. Department of State. The secret history of Dayton, Derek Chollet 1996 pag 5

9. Memorandum for the president. Anthony Lake, 29 mei 1995 pag 1 en 3

10. ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/VPRO 29 juni 2015

11. NSC paper: Bosnia Endgame Strategy. Sandy Berger 17 juli 1995

12. ‘Waarom Srebrenica moest vallen’ Human/VPRO 29 juni 2015

13. Mail Samuel Berger aan collega Hannah Kooy 15 mei 2015 00.59

14. Joris Voorhoeve Radio 1 op 17 december 2015

15. Tweede Kamer. KST.26122, nr 43, 2015, 16 december 2015

16. Srebrenica een ‘veilig’ gebied. Intelligence en de oorlog in Bosnië pag 461

17. Door Clinton Presidential Library vrijgegeven documenten. Samenstelling Hannah Kooy Human/VPRO 2015

18. De val Srebrenica. Luchtsteun en voorkennis in nieuw perspectief. Kernconclusie III pag 203

19. 19) De val Srebrenica. Luchtsteun en voorkennis in nieuw perspectief. Kernconclusie I pag 203